Hier kunt u meer lezen over ons pedagogisch beleid. Op de informatiebijeenkomst heeft u hier een indruk van gekregen en wij hopen dat u ons daarom ook gekozen heeft. Heeft u nog vragen, schiet ons gerust aan.

Pedagogische visies

Ons pedagogisch beleid komt tot uiting in alles wat wij doen en waar wij voor staan, zoals onze activiteiten, onze medewerkers, onze werkwijze, onze inrichting, enz. Dit beleid, onderdelen hiervan, onze werkplannen, aanpak e.d. bespreken wij tijdens informatiebijeenkomsten, ouderavonden e.d. Ons pedagogisch beleidsplan kunt u in grote lijnen lezen via onze website. Ons volledig pedagogisch beleidsplan kunt u via de link onderaan deze paragraaf Pedagogische visies lezen. Elke vestiging heeft daarnaast nog een pedagogisch werkplan dat specifiek voor die locatie geldt. Niet iedere locatie is immers gelijk, afhankelijk van de groepen, ligging en samenwerking met school enz. Wilt u dat inkijken, vraagt u dan uw teamcaptain.

ZieZoo wil een partner zijn van de ouder in de ontwikkeling van het kind. Wij zien kinderopvang niet alleen als opvang maar als een plek waar een kind zich thuis voelt en kan groeien, (sociale) vaardigheden kan opdoen, competenties kan verwerven en leert omgaan met waarden en normen. Wij dagen alle kinderen uit het beste in zichzelf te ontdekken. Ons beleid is hierbij geïnspireerd op de volgende pedagogische visies:

Emmi Pikler (visie die wij toepassen voor de babygroep)
Bewegen, spelen en echt contact tijdens de verzorging zijn van cruciaal belang voor de ontwikkeling. Pikler geeft inspiratie hoe jonge kinderen ontwikkelingskansen te bieden. “Wanneer we de mogelijkheden van het kind en zijn zelfstandige activiteit vertrouwen en hem voor zijn eigen leerontwikkeling een ondersteunende omgeving bieden, is het tot veel meer in staat dan over het algemeen aangenomen wordt.”

Maria Montessori

  • Ieder kind is een individu met een eigen aanleg, een eigen karakter en een eigen sociale achtergrond
  • Zelf doen, zelf ontdekken en zelf ervaren vormen de basis voor het ontwikkelen van zelfstandigheid, zelfvertrouwen en het zelf leren dragen van verantwoordelijkheid. Maria Montessori noemde dat: “help het mij zelf doen”
  • Verticale leeftijdsstructuur: begeleid door adequaat opgeleide begeleiders in een groep met een verticale leeftijdsstructuur
  • “Voorbereide omgeving”: kinderen ontwikkelen zichzelf het best in een ordelijke voorbereide omgeving
  • “Vrijheid in gebondenheid” en respect: Maria Montessori bood de kinderen vrijheid in gebondenheid. Zelf leren kiezen en verantwoordelijkheid dragen, ontwikkelen bij het kind een gevoel van onafhankelijkheid, eigenwaarde en zelfvertrouwen. In de lijn van de uitgangspunten van Montessori en de huidige maatschappij, zijn gelijkwaardigheid en wederzijds respect belangrijke waarden in het omgaan met elkaar: begeleiders, kinderen en andere volwassenen, waaronder de ouders.

Loris Magaluzzi (Reggio Emilia)
In deze pedagogiek ligt de nadruk op wat kinderen kunnen en niet op wat kinderen niet kunnen.

  • de ruimte is de belangrijkste factor, omdat deze met name kinderen uitdaagt om te onderzoeken en experimenteren (ook wel de 3e pedagoog genoemd; kind en pedagogisch medewerker zijn pedagoog 1 en 2)
  • inspirerende materialen waarmee kinderen hun ideeën en interesses kunnen vormgeven
  • pedagogisch medewerkers kijken en luisteren vooral en sluiten aan bij de ontwikkeling en ideeën van kinderen

Kinderen hebben allemaal hun talenten en hebben de drang om dingen te onderzoeken. Wij richten ons daarom vooral op de ontwikkeling van de eigen identiteit, zelfstandigheid en creatieve vaardigheid.

100 talen van het kind
Kinderen kunnen zich vaak (nog) niet in woorden uitdrukken. Zij hebben echter wel honderd andere talen om zich uit te drukken. Het is van wezenlijk belang dat zij zich kúnnen uitdrukken en communiceren. Volwassenen hebben deze talen verleerd en moeten deze weer leren begrijpen. Zijn pedagogiek is er daarom op gericht de talen van kinderen te leren kennen en ontwikkelen, én te laten horen. De volwassenen creëren situaties waarin de kinderen zich kunnen laten horen. Goed kunnen kijken en luisteren is de belangrijkste eigenschap van een pedagogisch medewerker. Het brengt je vanzelf op ideeën over wat je met de kinderen kunt doen. Kinderen worden zo heel serieus genomen. De pedagogisch medewerkers zijn actief met de kinderen bezig: spelen met hen, praten met hen en helpen hen. Ze helpen de kinderen ook met het registreren van ervaringen, zodat daar later weer over gesproken kan worden. Foto’s zijn daarbij belangrijk. Zij hebben daarom altijd een camera (smartphone) bij de hand om belangrijke momenten of feiten vast te leggen.

Inrichting van de ruimte
Het gebruik van de ruimten en de inrichting van het gebouw is misschien wel het opvallendste aan de Reggio-methode. De ruimte vormt een wezenlijk onderdeel van de pedagogiek. Zij moet voor een groot deel bijdragen aan de verwezenlijking van de doelen en is daarom goed doordacht en aantrekkelijk. Bij de inrichting worden de leidsters bijgestaan door architecten en pedagogen. Volgens de visie van Reggio functioneren kinderen beter in kleine ruimten met een specifieke functie. Kinderen houden ook van afwisseling en hebben veel verschillende behoeften. Er is daarom één grote centrale ruimte waar kinderen uit alle groepen elkaar kunnen ontmoeten en die binnen en buiten met elkaar verbindt. De ruimte is licht en biedt veel verschillende mogelijkheden.

Thomas Gordon
Kindercentrum ZieZoo stimuleert positief gedrag. Voorbeelden hiervan zijn het geven van een compliment, een sociale beloning zoals een gezellige picknick in het park. Ook de inspraak van kinderen, o.a. middels kinderparticipatie, maakt de kinderen betrokken en gehoord.
Het omgaan met negatief gedrag uit zich niet in het straffen e.d. maar het kind op de gevolgen te wijzen die het gedrag met zich meebrengt. Wij hanteren hiertoe de Thomas Gordon methode. Dit houdt o.a. in dat wij “Ik-boodschappen” uiten (“Ik vind het niet prettig als jij zo luid schreeuwt terwijl ik praat, want dan kunnen de andere kinderen mij niet verstaan.”) i.p.v. “Jij-boodchappen” (“Houd jij eens op met schreeuwen.”) Ook is deze methode geschikt om conflicten tussen kinderen onderling op te lossen.

Pedagogische coaches

Kindercentrum ZieZoo beschikt over eigen centrale pedagogisch coaches. Deze pedagogen hebben een gespecialiseerde opleiding op het gebied van de ontwikkeling van kinderen. Zij hebben veel werkervaring ook voor andere organisaties en instanties en kunnen onze teams ondersteunen op het gebied van training en opleiding, observaties, video interactie begeleiding, updaten pedagogisch beleid en werkplannen, kindvolgsysteem en oudergesprekken.

Onze pedagogen zijn in ons centrum verantwoordelijk voor het pedagogisch beleid en begeleiden ons team hierin. Kinderen die extra begeleiding nodig hebben, kunnen geobserveerd worden waarna een gesprek of plan van aanpak volgt dat wij met u afstemmen. Te denken valt aan kinderen met cognitieve of sociaal-emotionele problemen, hoogbegaafde kinderen enz. Uiteraard begeleiden zij ons bij al onze kinderen en volgen wij de ontwikkeling van elk kind individueel, waarbij wij aan elk kind zoveel mogelijk aandacht schenken. Deze ontwikkeling wordt vastgelegd in een speciaal door ons ontwikkeld kindvolgsysteem.

Op onze website vindt u deze pedagogisch coaches ook terug in het overzicht van ons team.

Mentor

Aan ieder kind wordt een mentor toegewezen. De mentor is verantwoordelijk voor het welbevinden van het kind. Deze houdt ook het kindvolgsysteem bij en voert het oudergesprek (ofwel alleen ofwel samen met bijv. de teamcaptain). Tijdens het intakegesprek zal aan ouders gecommuniceerd worden wie de mentor van het kind zal worden. Ook als het kind naar een andere groep gaat of van het KDV naar de BSO wordt dit gecommuniceerd. Ook wordt aan het kind gezegd wie zijn/haar mentor is.

Kind-leidster ratio

Kind-leidster ratio (BKR)

Medewerkers die op een groep staan werken meestal samen met collega’s. Hierbij wordt de kind-leidster ratio in acht genomen. Op sommige momenten mag daarvan worden afgeweken. De regelgeving daaromtrent, ook wel "3-uurs regeling genoemd" wordt hierna beschreven. Per locatie kan de regeling anders uitgewerkt zijn. Dat staat beschreven in het pedagogisch werkplan van die locatie. Heeft u daar vragen over, wendt u zich tot uw teamcaptain.

3-uursregeling

Een kindercentrum dat per dag tenminste tien uur achter elkaar opvang biedt, mag maximaal gedurende drie uur, op zelf te bepalen tijdstippen, minder (maar minimaal de helft van het aantal benodigde) pedagogisch medewerkers inzetten. Deze tijden mogen per weekdag verschillen maar zijn voor elke week hetzelfde.
Op de BSO mag tijdens schoolweken een half uur worden afgeweken van deze ratio en tijdens vakantieweken en studiedagen (10 uur of langer open) maximaal 3 uur.

Indien er maar 1 pedagogisch medewerker aanwezig moet zijn volgens deze regeling, dient er een extra volwassene in het centrum aanwezig te zijn. Deze regeling staat beschreven in het beleidsplan Veiligheid en Gezondheid van uw locatie.

Deze regeling heeft betrekking op de verhouding tussen het aantal aanwezige kinderen en pedagogisch medewerkers per dag en de momenten waarop daarvan wordt afgeweken. Dit kan aan de orde zijn op de randen van de dag (brengen en halen) en gedurende de pauze-/ middagslaaptijd. Bij het afwijken van onze bezetting houden wij rekening met het welbevinden van de kinderen en gebruiken wij dit als leidraad.

4-ogen principe

Het 4-ogen beleid geldt voor elk kinderdagverblijf. Het is niet van toepassing voor de BSO.

Dit principe gaat er vanuit dat als een pedagogisch medewerker alleen is met de kinderen, er altijd iemand moet kunnen meekijken, meeluisteren of onverwacht binnen kan lopen. Onderling collega’s aanspreken c.q. vragen naar hun gedrag, maakt onderdeel uit van een aanspreekcultuur die nodig is om naast de bouwkundige maatregelen, het 4-ogen principe te waarborgen.
Hoe waarborgen wij het 4-ogen principe nog meer:

  • In de groepsruimte zullen deuren zoveel mogelijk openstaan, dit zorgt voor transparantie, de medewerkers en de teamcaptain hebben zicht op elkaar.
  • De groepsruimte is voorzien van ramen, zodat er altijd van buiten naar binnengekeken kan worden.
  • Slaapkamer heeft een babyfoon. Deze babyfoon is naast het controleren hoe het met de kinderen gaat ook een controle op de pedagogisch medewerker als ze op de slaapkamer is.
  • De sanitaire ruimten voor de kinderen hebben geen deuren die op slot kunnen en een open karakter, o.a. door ramen.
  • Er heerst een open werkklimaat, zodat medewerkers elkaar altijd aan durven te spreken op hun handelen. Dit creëren we door elkaar feedback te (leren) geven in
    elke geleding van de organisatie (functioneringsgesprekken, teamvergaderingen,
    groepsobservaties door teamcaptain).
  • Een teamcaptain is zeer vaak aanwezig en kijkt/luistert dan ook regelmatig mee op de groep. Deze momenten zijn onaangekondigd.
  • Op momenten dat ouders kinderen brengen en halen zijn er dus ook extra ogen.
  • Ook de naast gelegen BSO van ZieZoo dient als extra paar ogen.

Wij trachten zo open mogelijk te werken. Wij zorgen ervoor dat medewerkers regelmatig bij elkaar naar binnen lopen en met elkaar het gesprek aan gaan waar nodig is. De teamcaptain komt frequent onverwacht op de groepen binnen, of bezoekt een buitenactiviteit. De houder komt ook af en toe onaangekondigd langs, zowel binnen als buiten. Indien ZieZoo samen met een school in een gebouw gevestigd is, worden ook afspraken gemaakt dat leerkrachten en directie als extra paar ogen kunnen dienen. Indien mogelijk proberen wij bij sluit nog een extra medewerker langer te houden die dan schoonmaakwerk e.d. verzorgt. Op dat moment lopen er echter ook veel ouders binnen om de kinderen op te halen waardoor die ook als extra ogen dienen.

Achterwacht

De achterwachtregeling wordt toegepast als er maar één medewerker aanwezig is en geen andere volwassene op de locatie is.

In de wet wordt de achterwachtregeling als volgt beschreven:
Bij de opvang door maar één medewerker moet een achterwachtregeling worden getroffen waarin een achterwacht beschikbaar is die bij calamiteiten binnen vijftien minuten bij het opvangadres aanwezig is. Deze persoon is tijdens opvangtijden altijd telefonisch bereikbaar.

Achterwacht regeling is geregeld doordat meerdere locaties van ZieZoo bij elkaar in de buurt gevestigd zijn. Zij kunnen binnen vijftien minuten aanwezig zijn. Dit geldt in ieder geval voor de middagen (zie verder). In bepaalde gevallen kan ook het servicebureau (de houder) worden gevraagd om als achterwacht te dienen.

Indien een locatie in een school gehuisvest is, maken wij mogelijk met hen afspraken over de achterwacht.

Voor elke locatie staat de Achterwacht regeling beschreven in het Beleidsplan Veiligheid en Gezondheid.
Daar staat o.a. in welke locaties bereikbaar zijn met de betreffende telefoonnummers.
Ook het Servicebureau wordt vermeld.
Locatie telefoonnummers worden doorgeschakeld naar mobiele nummers. Omwille van privacy vermelden wij geen mobiele telefoonnummers van teamcaptains of de houders maar deze nummers zijn op de locaties bekend.

Heeft u vragen over dit beleid, schiet u ons dan aan.